Alleen digitaal publiceren van (ontwerp)besluiten is voldoende

Leestijd 3 minuten

Niet dat iedereen het deed, maar makkelijk was het wel. Op de gemeentelijke publicatiepagina in het plaatselijke sufferdje stond keurig op een rij welke vergunningen waren verleend of welke (ontwerp)besluiten ter inzage liggen, bijvoorbeeld kapvergunningen of bestemmingsplannen. Maar het is inmiddels wel 2016 en tegenwoordig gaat dat allemaal digitaal, voornamelijk via gemeentelijke websites. Maar mag je als overheid van burgers – ook zij die digitaal wat achterblijven – verwachten dat zij die websites in de gaten houden? En kun je dus (ontwerp)besluiten alleen nog maar via de website publiceren?

Als lezer van dit digitale bericht  vindt u dat een rare vraag: iedereen heeft toch internet? Dat is niet helemaal waar. Volgens het CBS hadden in 2015 bijna 1,2 miljoen mensen nog nooit internet gebruikt, dat is 8% van de personen van 12 jaar of ouder. Met alléén een digitale publicatie van (ontwerp)besluiten wordt dus nog niet iedereen bereikt.

Mag het juridisch?

De juridische hoofdregel is nog steeds dat (ontwerp)besluiten op ten minste één niet-digitale wijze gepubliceerd moeten worden, bijvoorbeeld in een huis-aan-huisblad. Daar geldt één belangrijke uitzondering op, namelijk als in een wettelijk voorschrift – dat kan ook een gemeentelijke verordening zijn – is bepaald dat kennisgeving uitsluitend digitaal plaatsvindt. Steeds meer overheden hebben zo’n wettelijk voorschrift, dat enkel digitale publicatie mogelijk maakt. Belangrijke, maar ook triviale reden daarvoor is dat digitaal publiceren veel goedkoper is dan al die advertenties in gemeentelijke krantjes.

In een zaak die leidde tot een uitspraak van de Raad van State van 7 september 2016 stelden eisers dat het enkel digitaal publiceren van (ontwerp)besluiten in strijd zou zijn met het recht op toegang tot de rechter (artikel 6 EVRM). Omdat er veel mensen zijn zonder internet, zou het recht op toegang tot de (bestuurs)rechter door enkel digitaal publiceren worden belemmerd. Want als je niet weet dat er een (ontwerp)besluit is, kun je ook niet naar de rechter. Daar was de Raad van State het niet mee eens. Alléén digitaal publiceren mag dus.

Praktisch probleem is dan nog wel dat de overheid moet kunnen bewijzen dat die digitale publicatie ook daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Dat heeft soms wat meer voeten in aarde dan een kopietje van een schriftelijke advertentie in de plaatselijke courant. In de Afdelingsuitspraak van 7 september jl. kon de overheid de digitale publicatie aannemelijk maken met uitdraaien van de archiefwebsite, en dat was volgens de Raad van State voldoende.

Voor wie geen zin heeft om elke week de gemeentelijke website te bezoeken, zijn er verschillende apps (bijvoorbeeld omgevingsalert), die de gebruiker actief informeren over plannen en besluiten in de buurt (of rond een ander adres naar keuze).

Het ziet er dus naar uit dat de gemeentelijke publicatiepagina’s in de gemeentelijke blaadjes hun langste tijd hebben gehad.

Reacties

Nog geen reacties

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt
Start chatgesprek

Medewerkers zijn nu beschikbaar

Onze medewerkers zijn nu online om uw zakelijke vragen te beantwoorden. Vul de naam van uw organisatie in en klik op "Start chat" om een chatgesprek te starten.

Sorry, de chat is momenteel niet beschikbaar