Boetes in het bestuursrecht: uitstel van betaling?

Leestijd 3 minuten

Steeds vaker worden boetes niet meer opgelegd door de strafrechter, maar door het bestuur. Denk bijvoorbeeld aan boetes van de Inspectie SZW wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen of Arbeidsomstandighedenwetgeving, maar ook aan bestuurlijke boetes door gemeenten (bijvoorbeeld bij illegale woningonttrekking) of door de Autoriteit Consument en Markt. Het kan gaan om hoge bedragen. Wie het daar niet mee eens is, moet procederen bij de bestuursrechter en niet bij de strafrechter. Het komt er in de praktijk nog wel eens op neer dat de bestuursrechter minder (rechts)bescherming biedt dan de strafrechter. Bijvoorbeeld als het gaat om het moment van betalen van de boete.

Bestuurlijke boete: direct betalen?

Voor een strafrechtelijke boete geldt dat die pas betaald hoeft te worden als de strafrechtelijke veroordeling onherroepelijk is. Bij een bestuurlijke boete gek genoeg niet. Wie bezwaar maakt tegen een opgelegde bestuursrechtelijke boete, moet meestal onmiddellijk betalen; bezwaar heeft in het bestuursrecht namelijk geen schorsende werking.

In een principiële uitspraak van 24 januari 2017 oordeelde de Rechtbank Amsterdam dat dit onderscheid tussen een strafrechtelijke boete en een bestuurlijke boete niet gerechtvaardigd is. Het ging om een boete van € 3.000,- die was opgelegd aan een bakkerij waar – volgens de Inspectie SZW – werd gehandeld in strijd met de Wet minimumloon en minimum vakantiebijslag. De bakker was het daarmee niet eens, maakte bezwaar tegen de boete en vroeg uitstel van betaling. Dat laatste kreeg hij niet.

De Rechtbank Amsterdam was het daar niet mee eens. Een boete is een boete, en daarom is er volgens de rechtbank geen aanleiding om bestuurlijke boetes (geen uitstel van betaling) anders te behandelen dan strafrechtelijke boetes (wel uitstel van betaling). De bakker hoefde de bestuurlijke boete volgens de Rechtbank dus niet te betalen, zolang over die boete werd geprocedeerd. Als een bestuurlijke boete wordt betwist, zal het bestuursorgaan moeten aantonen dat er een zwaarwegend belang is om niet de bezwaar- en beroepsprocedure af te wachten.

Het is de vraag of deze nieuwe lijn wordt gevolgd door de Raad van State. Dat ligt wel in de lijn der verwachting, mede omdat de Rechtbank zich baseerde op een advies van de Raad van State uit 2015. Daarin uitte de Raad van State zich zeer kritisch over de verschillen in rechtsbescherming tegen strafrechtelijke en bestuurlijke boetes, waarvan uitstel van betaling er één is (of was …?)

Krijgt u een boete en maakt u bezwaar, dan kunt u onder verwijzing naar deze uitspraak van de Rechtbank Amsterdam vragen om uitstel van betaling, totdat de procedure over de boete is geëindigd.

Reacties

Nog geen reacties

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt
Start chatgesprek

Medewerkers zijn nu beschikbaar

Onze medewerkers zijn nu online om uw zakelijke vragen te beantwoorden. Vul de naam van uw organisatie in en klik op "Start chat" om een chatgesprek te starten.

Sorry, de chat is momenteel niet beschikbaar