Drie keer is scheeprecht?

Leestijd 3 minuten

Drie?

In de krant las ik laatst over een procedure tussen werknemers van een onderneming die in de afgelopen drie jaren drie keer failliet gegaan was en ook drie keer weer was doorgestart (met kennelijk de oorspronkelijke ondernemer als koper van de activa). Zouden de betrokkenen zich realiseren dat het getal drie van oudsher een bijzondere betekenis heeft in het recht?[i]

Vroeger werd maar drie keer per jaar een gewone rechtszitting gehouden en zo’n zitting duurde dan drie dagen. Als een getuige haperde bij het afleggen van de eed werd de eed geacht niet te zijn afgelegd. Bij belangrijke zaken echter kreeg de getuige drie kansen om de eed wel vloeiend af te leggen. En zo zijn er meer voorbeelden te vinden.

Zo'n oud gebruik biedt ook een begin van een oplossing voor het probleem dat de werknemers uit het krantenartikel eigenlijk (impliciet) aan de kaak stellen: de doorstart van een bedrijf en de juridische weg daar naartoe biedt soms onvoldoende waarborgen om opgewassen te zijn tegen onbetamelijkheden. Bij openbare verkopingen moest vroeger drie maal worden geboden. Daar komt de nog steeds gebruikte ‘drieslag’ Eenmaal, andermaal, verkocht! vandaan. Pas na drie kansen stond vast dat de hoogste bieder echt het beste bod uitbracht. Bovendien was dat ook voor alle betrokkenen kenbaar: transparant en openbaar.

Openbaar vs pre-pack

Transparante openbare verkoop van activa van failliete ondernemingen kan wellicht uitwassen voorkomen. Eenmaal, andermaal, verkocht! dus, net als vroeger.

Precies het omgekeerde van de steeds meer in zwang rakende pre-pack waarbij een doorstart juist in het geheim wordt voorbereid. Een dergelijke openbare benadering vereist wel een andere mindset. Nu is een faillissement van een onderneming vaak nog een smadelijke gebeurtenis. Het openbaar worden van financiële problemen leidt veelal tot waardevermindering van de activa en een ratrace tussen de verschillende belanghebbenden. Het zijn deze gevolgen die het gebruik van de pre-pack haast noodzakelijk maken. Terecht dat de pre-pack, als het minste van twee kwaden, floreert. Alleen als een (dreigend) faillissement, door alle betrokkenen, met minder ‘paniekvoetbal’ benaderd zou worden, kunnen de nare gevolgen daarvan (zoveel mogelijk) worden beperkt. In die ‘kalme’ omgeving kan een onderneming beheerst, transparant en in het openbaar worden verkocht aan de partij die voor alle betrokkenen het beste alternatief biedt.

En anders de gortspaan!

Voor de uitwassen die dan nog overblijven, biedt het oude scheepsrecht nog steeds uitkomst. Vroeger kon je als je een onbetamelijkheid pleegde (bij het schaften) rekenen op drie slagen met de gortspaan (een driehoekig plankje), daarbij ook een ‘drieslag’ uitgesproken: “Dat is voor je gat, dat is voor je kwaad doen en dat is opdat je het niet weer zult doen”. De huidige gortspaan is verpakt in het aansprakelijkheidsrecht en daarmee kan, zo nodig, prima worden geslagen.

En de curator? Die had misschien wel beter moeten weten. Een ezel stoot zich in het gemeen….

 

[1] Zie: Prof. Fockema Andreae, Mededeelingen van de Maatschappij der Nederl. Ltk. 1897-98, bl. 117

Reacties

Nog geen reacties

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt
Start chatgesprek

Medewerkers zijn nu beschikbaar

Onze medewerkers zijn nu online om uw zakelijke vragen te beantwoorden. Vul de naam van uw organisatie in en klik op "Start chat" om een chatgesprek te starten.

Sorry, de chat is momenteel niet beschikbaar