Gemeenten en saneringskosten na asbestbrand

Leestijd 3 minuten

In en op veel gebouwen is nog steeds asbest verwerkt. Daarom gebeurt het met enige regelmaat dat bij brand of andere calamiteiten asbest verspreid raakt in de omgeving. Vanwege gezondheidsrisico’s moet direct gehandeld worden. In de praktijk komt dat er vaak op neer dat de gemeente opdracht geeft voor het opruimen van de asbest en het schoonmaken van erven, terreinen of roerende zaken. Die kosten zijn vaak aanzienlijk. Blijven die kosten voor rekening van de gemeente?

Dat hoeft niet. Grosso modo kan een gemeente deze opruimingskosten op twee manieren verhalen op de eigenaar van het asbestpand; via de civielrechtelijke weg (dagvaarding op grond van onrechtmatige daad) of via de bestuursrechtelijke weg (bijvoorbeeld bestuursdwang op grond van een zorgplichtbepaling). De gemeente doet er goed aan even stil te staan bij de keuze voor hetzij de civielrechtelijke hetzij de bestuursrechtelijke route; er zijn namelijk nogal wat verschillen, niet alleen procedureel maar ook wat betreft de kans van slagen.

Uit een uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland van 9 maart 2016 blijkt dat over het algemeen de bestuursrechtelijke route meer kans op succes biedt. Dat heeft er in de kern mee te maken dat bij de civielrechtelijke route een gemeente moet bewijzen dat de eigenaar van het asbestpand onrechtmatig heeft gehandeld. Het enkele feit dat een gebouw asbest bevat is op zichzelf niet onrechtmatig. Daar is meer voor nodig. Ook het enkel niet onmiddellijk opruimen van neergedaald asbest is misschien niet zo verstandig, maar levert in juridische zin geen onrechtmatige daad op tegenover een gemeente.

Het bestuursrechtelijk kostenverhaal ligt – hoewel succes natuurlijk nooit van tevoren is gegarandeerd – iets gemakkelijker. Er zijn verschillende wettelijke bepalingen op grond waarvan een gemeente bestuursdwang kan toepassen. De gemeente is dan bevoegd om vrijwel onmiddellijk over te gaan tot opruiming van verspreid asbest. Denk bijvoorbeeld aan artikel 17.1 Wet milieubeheer (handhaving bij een ongewoon voorval) en de zorgplichten van de artikelen 1.1a Wet Milieubeheer, 1a en 1b van de Woningwet of artikel 13 Wet Bodembescherming. De gemeente die – bij wijze van bestuursdwang – asbest opruimt, kan de kosten daarvan op de overtreder verhalen. Een onrechtmatige daad is daarvoor niet nodig. De “veroorzaker” moet gewoon betalen, los van discussies over schuld en verwijtbaarheid.

Een gemeente die te maken krijgt met hoge saneringskosten na een asbestbrand, doet er dus goed aan om in de eerste plaats te onderzoeken of voor het verhaal daarvan bestuursrechtelijke mogelijkheden zijn. Zijn die er niet, dan kan eventueel altijd het civielrechtelijke kostenverhaal nog in beeld komen, zij het dat de lat voor een succesvol kostenverhaal daar hoger ligt. Wordt de bestuursrechtelijke weg ingeslagen, denk dan wel om de juiste formaliteiten (juiste grondslag, Awb-besluit, begunstigingstermijn (die uitermate kort kan zijn), aanzegging kostenverhaal, etcetera).

Reacties

Nog geen reacties

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt
Start chatgesprek

Medewerkers zijn nu beschikbaar

Onze medewerkers zijn nu online om uw zakelijke vragen te beantwoorden. Vul de naam van uw organisatie in en klik op "Start chat" om een chatgesprek te starten.

Sorry, de chat is momenteel niet beschikbaar