Informeren of zwijgen bij de verkoop van een onderneming

Leestijd 5 minuten

Als u zich afvraagt of u bij de verkoop van uw onderneming bepaalde kwesties al dan niet moet melden bij de koper, dan biedt een recente uitspraak van het Hof Den Haag reden tot zwijgen. Aan de andere kant is er voor de koper extra aanleiding om goed onderzoek te doen.

Wat speelde er?

Swartwoudt verkocht een meerderheidsbelang in de onderneming Climate Control aan Mourik. Op dat moment bestond er een discussie tussen Climate Control en diens klant Nyrstar. Nyrstar had Climate Control opdracht gegeven voor bepaalde werkzaamheden aan een ventilatiesysteem. Met de opdracht was een groot bedrag gemoeid. Nyrstar vond dat Climate Control haar werk niet goed had uitgevoerd.

Swartwoudt informeerde Mourik niet over de kwestie tussen Climate Control en Nyrstar.

In de koopovereenkomst stonden bepalingen over de informatieverstrekking door de verkoper. Volgens de overeenkomst zou Swartwoudt Mourik volledig informeren over alle bijzonderheden die voor Mourik van belang konden zijn. Er zouden geen feiten zijn, die Swartwoudt niet had gemeld, die nadelig konden zijn voor Climate Control en dus indirect voor Mourik.

Drie maanden nadat Mourik zich inkocht in Climate Control, legde Nyrstar een claim neer bij Climate Control van € 1,8 miljoen. Dit was aanleiding voor Mourik om Swartwoudt aansprakelijk te stellen wegens schending van haar informatieplicht. De kwestie belandde bij de rechter.

Wat vond de rechter?

Swartwoudt vond dat zij haar informatieplicht niet had geschonden. Volgens Swartwoudt waren Climate Control en Nyrstar in goed overleg over het oplossen van het probleem. Omdat Climate Control in de overeenkomst met Nyrstar haar aansprakelijkheid had beperkt en een voorziening had getroffen, was er volgens Swartwoudt geen reden om Mourik over de kwestie te informeren.

De rechtbank ging hier niet in mee en vond dat er sprake was van ernstige verzwijging van relevante informatie. Swartwoudt kende de problemen met Nyrstar en diende serieus rekening te houden met een substantiële claim. Er waren omstandigheden die een nadelig effect konden hebben voor Climate Control en die van belang konden zijn voor Mourik. Het risico was zo reëel, vond de rechtbank, dat Swartwoudt dit vóór de verkoop aan Mourik had moeten melden. Swartwoudt werd veroordeeld tot het betalen van schadevergoeding.

Een begrijpelijke uitspraak van de rechtbank, zeker gelet op de in de koopovereenkomst opgenomen bepalingen over de informatieverstrekking. Toch zag Swartwoudt genoeg redenen om in hoger beroep te gaan bij het Hof. En met succes.

Ook het Hof boog zich over de bepalingen over de informatieverstrekking. Het Hof vond een redelijke uitleg van die bepalingen dat Swartwoudt niet ieder probleem aan Mourik hoefde te melden. Swartwoudt hoefde de kwestie met Nyrstar alleen te melden als zij niet in redelijkheid kon verwachten dat er een oplossing zou worden gevonden binnen de getroffen reserve. Dit was aan Mourik om te bewijzen.

Mourik kon dit bewijs niet leveren en haar vordering werd afgewezen.

Mededelings- versus onderzoeksplicht

Het is gebruikelijk dat de verkoper en de koper de reikwijdte van de informatieplicht en de onderzoeksplicht in een overnamecontract regelen. Zo kan er geen discussie bestaan over wat de verkoper wel of niet aan de koper moet melden, is de bedoeling.

Maar ook als er géén specifieke regeling geldt, heeft de verkoper mededelingsplichten en de koper onderzoeksplichten. In hoeverre de verkoper moet informeren en de koper moet onderzoeken, wordt dan beoordeeld naar redelijkheid en billijkheid en is afhankelijk van de omstandigheden van het geval.

In het algemeen geldt dat de mededelingsplicht van de verkoper zwaarder weegt dan de onderzoeksplicht van de koper. De reden hiervoor is dat de verkoper zijn onderneming kent en dus een informatievoorsprong heeft ten opzichte van de koper.

Opmerkelijke uitspraak

In deze kwestie was een uitgebreide informatieplicht opgenomen in de koopovereenkomst. Swartwoudt garandeerde dat zij Mourik volledig had geïnformeerd over alle relevante zaken.

Het oordeel van het Hof dat Swartwoudt het geschil met Nyrstar alleen hoefde te melden als er niet in redelijkheid een oplossing kon worden verwacht binnen de getroffen reserve, vind ik opmerkelijk. Op het moment dat de partijen het koopcontract sloten, bestond er een langlopend zakelijk conflict tussen de onderneming en een opdrachtgever, waar een substantieel bedrag mee gemoeid was. Er was een reële kans dat er een claim zou volgen.

Het lijkt mij dan voor de hand liggend dat een koper dit wil weten voordat hij besluit om tot de koop over te gaan. Het kan hem aanleiding geven om te heronderhandelen over de voorwaarden, zoals over de hoogte van de koopprijs. Hij kan zelfs helemaal van de koop af willen zien. Dat te verwachten is dat een conflict binnen een getroffen voorziening kan worden opgelost, maakt dit niet anders. Een zakelijk conflict met een klant kan ook als het binnen een getroffen voorziening wordt opgelost, schadelijk zijn voor bijvoorbeeld de reputatie, de commerciële positie, afspraken met derden, enzovoorts.

Zelfs als Swartwoudt en Mourik geen afspraken hadden gemaakt over de informatieverplichting, meen ik dat Swartwoudt Mourik had moeten informeren over de kwestie met Nyrstar. Namelijk op grond van haar mededelingsplicht, die zwaarder weegt dan de onderzoeksplicht van de koper.

Het kan zijn dat de uitspraak van het Hof u aanleiding geeft om over dit soort zaken te zwijgen als u uw onderneming verkoopt. Maar zwijgen waar u had moeten spreken is en blijft juridisch riskant. Of u moet melden of niet, is afhankelijk van de omstandigheden. Wij denken graag met u mee.

Reacties

Nog geen reacties

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt
Start chatgesprek

Medewerkers zijn nu beschikbaar

Onze medewerkers zijn nu online om uw zakelijke vragen te beantwoorden. Vul de naam van uw organisatie in en klik op "Start chat" om een chatgesprek te starten.

Sorry, de chat is momenteel niet beschikbaar