Monument of oude meuk

Leestijd 3 minuten

Niet iedereen is altijd even blij met de aanwijzing van een pand als rijks- of gemeentemonument. Zo’n aanwijzing kan de gebruiksmogelijkheden beperken en kostenverhogend zijn bij verbouw. Bovendien worden tegenwoordig veel monumenten aangewezen, waarvan het monumentale karakter niet op voorhand helder is. Dat de Martinitoren behouden moet blijven voor het nageslacht snapt iedereen, maar dat ook duplexwoningen, esthetisch niet altijd even fraaie jaren ’50 wederopbouwarchitectuur of benzinestations als monument worden aangewezen, ligt op het eerste gezicht iets minder voor de hand.

Van Monumentenwet tot Erfgoedwet

2016 wordt een belangrijk jaar voor de monumentenwetgeving. Naar verwachting zal per 1 juli 2016 de Erfgoedwet als opvolger van de Monumentenwet in werking treden. De Erfgoedwet gaat nog veel meer regelen, bijvoorbeeld over musea en collecties en archeologie. Om het “makkelijker” te maken. Daarnaast krijgen eigenaren van monumenten vanaf 2018 te maken met de Omgevingswet, die over de procedure van vergunningverlening zal gaan. Het is dus zaak om de regels over monumenten enigszins te blijven volgen.

Aanwijzing van monumenten ambtshalve of op verzoek

Los van de nieuwe Erfgoedwet, is er in de rechtspraak de laatste jaren ook het een en ander te doen over monumenten. Zo heeft de Raad van State  eind vorig jaar duidelijk gemaakt dat rijksmonumenten alleen ambtshalve door de Minister kunnen worden aangewezen. Indien de Minister een verzoek van een derde (buurman, belangenorganisatie) om een pand als rijksmonument aan te wijzen, afwijst, dan is daartegen geen bezwaar en beroep mogelijk. Bij gemeentelijke monumenten ligt dat anders. Bij gemeentelijke monumenten is het afhankelijk van de tekst van de gemeente (Erfgoed)verordening of aanwijzing alleen ambtshalve kan plaatsvinden (door B&W) of ook op verzoek van derden.

‘Monumenten’-belang vs. belang van eigenaar of gebruiker

Verder wordt in de rechtspraak steeds vaker zwaar getild aan de afweging tussen enerzijds het overneembelang bij aanwijzing van een pand of (gemeentelijk) monument tegenover anderzijds het financiële belang van de eigenaar. Zie voor een recent voorbeeld bijvoorbeeld een Raad van State-uitspraak van 21 oktober 2015. De gemeente had een voormalig benzinestation aangewezen als monument. Het pand was niet meer geschikt als benzinestation, maar het vinden van een nieuwe rendabele functie voor een, niet te verbouwen, ex-benzinestation is niet makkelijk. De Raad van State vond dat de gemeente onvoldoende had gemotiveerd waarom in dit geval het belang van bescherming van het pand zwaarder zou moeten wegen dan het belang van de eigenaar om zijn pand – rendabel – te kunnen exploiteren.

Schadevergoeding

Wie schade meent te lijden omdat zijn pand wordt aangewezen als monument, kan die schade langs verschillende wegen claimen bij de gemeente (als het gaat om gemeentelijke monumenten) of het Rijk (als het gaat om rijksmonumenten). Dat kan niet alleen als een pand ten onrechte als monument is aangewezen, maar ook als die aanwijzing op zichzelf rechtmatig is. In dat laatste geval moet dan wel sprake zijn van onevenredige schade, en dat is niet heel vaak het geval. De procedureregels voor schadevergoeding bij rechtmatige of onrechtmatige aanwijzing verschillen nogal en zijn drie jaar geleden nog eens ingrijpend gewijzigd. In een uitspraak van 5 augustus 2015 – waarin het helaas voor de aanvrager slecht afliep – legt de Raad van State nog eens uit welke procedureregels gelden voor een partij die schadevergoeding claimt.

Voor vragen over de regelgeving voor monumenten kunt u uiteraard contact met mij opnemen.

Reacties

Nog geen reacties

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt
Start chatgesprek

Medewerkers zijn nu beschikbaar

Onze medewerkers zijn nu online om uw zakelijke vragen te beantwoorden. Vul de naam van uw organisatie in en klik op "Start chat" om een chatgesprek te starten.

Sorry, de chat is momenteel niet beschikbaar