Stedelijk ontwikkelingsproject: MER en planologische kruimellijst

Leestijd 3 minuten

In de praktijk is soms onduidelijkheid over de vraag wat nu exact een ‘stedelijk ontwikkelingsproject’ is als bedoeld in het Besluit Milieueffectrapportage (mer), Bijlage, categorie D11.2. Voor zo’n stedelijk ontwikkelingsproject geldt namelijk een formele mer-beoordelingsprocedure (art. 7.16 e.v. Wm) als het gaat om een oppervlakte van 100 hectare of meer, minimaal 2.000 woningen of een bedrijfsvloeroppervlakte van minimaal 200.000 m2. Die drempels zijn relatief hoog en daar zal niet snel aan zijn voldaan.

Stedelijk ontwikkelingsproject en vormvrije mer

Beneden die drempels geldt echter een informele mer-beoordelingsprocedure (artikel 2 lid 5 Besluit Milieueffectrapportage). Los van de drempels is het dus belangrijk om te weten wat een stedelijk ontwikkelingsproject precies is, want beneden die drempels moet er mer-technisch gezien dus ook het één en ander gebeuren en beoordeeld worden. Het lijkt er op dat de Raad van State het begrip stedelijk ontwikkelingsproject ruim interpreteert. Een bouwmarkt van 17.000 m2  of de bouw van 95 woningen zijn als stedelijke ontwikkelingsprojecten aangemerkt. Daarvoor moet dus een informele mer-beoordeling plaatsvinden. Dat zou betekenen dat een beetje substantiële (her)bebouwing in stedelijk gebied als een stedelijke ontwikkeling in de zin van categorie D 11.2 kwalificeert.

Stedelijk ontwikkelingsproject en planologische kruimellijst

Mer-technisch is dat niet onoverkomelijk; een vormvrije mer-beoordeling is niet heel ingewikkeld. Maar een ruime uitleg van het begrip stedelijke ontwikkeling heeft ook gevolgen voor de toepassing van de planologische kruimels van de lijst van artikel 4 van bijlage II bij het Bor. De ‘kruimels’ 9 (afwijkend gebruik van bouwwerken) en 11 (tijdelijk afwijkend gebruik tot en met 10 jaar) kunnen niet worden toegepast voor activiteiten waarvoor een mer-(beoordelings)plicht geldt (art. 5 lid 6 Bor). Om zo’n stedelijk ontwikkelingsproject – in afwijking van het bestemmingsplan – mogelijk te maken, is dan dus de uitgebreide Wabo-procedure of een nieuw bestemmingsplan nodig.

Overigens is dat nog niet helemaal zeker. Er zijn gezaghebbende juristen die menen dat de uitzondering van art. 5 lid 6 Bor alleen geldt voor stedelijke ontwikkelingsprojecten boven de drempels (100 hectare of minimaal 2.000 woningen of een bedrijfsvloeroppervlakte van minimaal 200.000 m2). Jurisprudentie daarover is er nog niet.

Kortom

Wees dus kritisch op de vraag of uw project misschien kwalificeert als een stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in categorie D11.2. Zo ja, dan moet u een informele mer-beoordeling maken. Dat is meestal niet onoverkomelijk. Maar dan geldt voorlopig eveneens dat afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van zo’n project niet meer mogelijk is met de planologische kruimelregeling en dat daarvoor een zwaardere – en helaas langere – procedure geldt.

Reacties

Nog geen reacties

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt
Start chatgesprek

Medewerkers zijn nu beschikbaar

Onze medewerkers zijn nu online om uw zakelijke vragen te beantwoorden. Vul de naam van uw organisatie in en klik op "Start chat" om een chatgesprek te starten.

Sorry, de chat is momenteel niet beschikbaar