Nieuwe Woningwet: woning-corporatie aanbestedingsplichtig

25 maart 2015

Op 17 maart 2015 is het wetsvoorstel voor de herziening van de Woningwet door de Eerste Kamer aangenomen. Daarmee is een ingrijpende wijziging van de regels voor woningcorporaties een feit. De nieuwe Woningwet treedt naar verwachting op 1 juli 2015 in werking. De wet heeft onder meer als doel de grip van de minister en gemeenten op woningcorporaties te versterken. Daardoor moeten dreigende faillissementen als gevolg van derivatenhandel of megalomane projecten definitief tot het verleden behoren. Maar de nieuwe Woningwet heeft ook een belangrijk, door de politiek ongewenst, neveneffect. Na de inwerkingtreding van de nieuwe Woningwet zijn woningcorporaties waarschijnlijk aanbestedende diensten in de zin van de Aanbestedingswet 2012.

‘Overheidstoezicht’

De vraag is of een woningcorporatie een ‘publiekrechtelijke instelling’ is. Dit is naast de staat, provincies, waterschappen en gemeenten een zelfstandige categorie aanbestedende diensten. Een organisatie is een ‘publiekrechtelijke instelling’ indien aan drie voorwaarden wordt voldaan. Dat een woningcorporatie aan de eerste twee voorwaarden voldoet (voorzien in behoeften van algemeen belang van andere dan industriële of commerciële aard en het bezitten van rechtspersoonlijkheid), staat niet ter discussie. Het komt aan op de derde voorwaarde. De centrale vraag hierbij is of het beheer van een corporatie onderworpen is aan overheidstoezicht.

Op basis van de nieuwe Woningwet staan woningcorporaties onder toezicht van de Minister voor Wonen en Rijksdienst. Het door de minister uit te oefenen toezicht ziet onder meer op het risicogericht beoordelen van het financiële en administratieve beleid en beheer, de financiële situatie van de corporatie en het functioneren van de woningcorporatie in het algemeen. De minister kan in het belang van de volkshuisvesting een woningcorporatie een bindende aanwijzing geven. Daarnaast moeten woningcorporaties met de gemeenten waarin zij woningen bezitten prestatieafspraken maken. Als partijen er zelf niet uitkomen, kan de minister gebruik maken van zijn aanwijzingsbevoegdheid.

Kortom, de vrijheid van handelen van woningcorporaties is in belangrijke mate aan banden gelegd. Na inwerkingtreding van de nieuwe Woningwet lijkt te zijn voldaan aan de derde voorwaarde van het begrip ‘publiekrechtelijke instelling’. Een woningcorporatie is vanaf dat moment een aanbestedende dienst en zal in het vervolg bij de verstrekking van opdrachten gebonden zijn aan de Aanbestedingswet 2012.

Poging wetgever voorkoming aanbestedingsplicht mislukt

De intensivering van het toezicht op het beheer van woningcorporaties leidt tot een aanbestedingsplicht. Twee leden van de Tweede Kamer zagen de bui al hangen. Zij hebben een amendement ingediend om te proberen dit te voorkomen. In dit amendement is bepaald dat de hiervoor genoemde aanwijzingsbevoegdheid van de minister geen betrekking kan hebben op het plaatsen van opdrachten. De Tweede Kamer heeft het amendement aangenomen. Maar daarmee is een aanbestedingsplicht niet van de baan. ‘Publiekrechtelijke instelling’ is een Europeesrechtelijk begrip. Het laatste woord bij de uitleg van dit begrip is aan het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ EU). Het HvJ EU past bij de toepassing van Europese (aanbestedings)regels een ‘functionele uitleg’ toe. Dit houdt kort gezegd in dat HvJ EU kijkt naar het effect van een regeling in plaats van het etiket dat erop is geplakt of de vorm waarin de regeling is gegoten.

Het enkele feit dat een aanwijzing van de minister door het aangenomen amendement geen betrekking kan hebben op een specifieke opdracht, betekent niet dat het beheer van een woningcorporatie niet langer aan het toezicht van de overheid is onderworpen. De bevoegdheden die aan de minister en de gemeente zijn toegekend, stellen deze instanties in staat de besluitvorming van woningcorporaties al in een vroeg stadium te beïnvloeden. Stel dat een woningcorporatie van plan is een cruiseschip  voor een bedrag van € 250.000.000  te laten renoveren, maar dat de minister en de gemeente dit een minder goed idee vinden. In het stelsel van de nieuwe Woningwet zouden de minister en de betrokken gemeente het plan van de woningcorporatie al in een vroeg stadium kunnen dwarsbomen, ver voordat een opdracht voor de uitvoering is geplaatst.  Hoewel een aanwijzing van de minister geen betrekking kan hebben op het plaatsen van een opdracht, hebben de minister en gemeenten nog wel degelijk invloed op de opdrachten die woningcorporaties plaatsen. Het amendement is een kunstgreep waar HvJ EU gemakkelijk doorheen zal prikken.

Laatste woord aan rechter

De minister heeft al laten weten dat het amendement geen garantie biedt dat een woningcorporatie geen aanbestedende dienst is. Het is wachten op de eerste procedure.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mr. Arthur van Heeswijck.

Meer nieuws

Start chatgesprek

Medewerkers zijn nu beschikbaar

Onze medewerkers zijn nu online om uw zakelijke vragen te beantwoorden. Vul de naam van uw organisatie in en klik op "Start chat" om een chatgesprek te starten.

Sorry, de chat is momenteel niet beschikbaar