Faillissement en bouw

Leestijd 3 minuten

Het is het doemscenario van menig opdrachtgever; er wordt opdracht gegeven aan een aannemer om een werk te realiseren, maar voor het werk is opgeleverd gaat de aannemer failliet en kan de opdrachtgever fluiten naar (oplevering van) zijn werk. Uit een recent arrest van het Gerechtshof Amsterdam blijkt echter dat een faillissement niet in alle gevallen ‘game-over’ betekent voor de opdrachtgever.

In het betreffende arrest werd een aannemer opdracht verleend een woning te bouwen. De aannemer gaat tijdens de realisatie failliet en de opdrachtgever besluit een tweede aannemer opdracht te geven om de woning (af) te bouwen. Voordat de woning is afgebouwd blijkt dat meerdere gebreken aan de woning kleven. De opdrachtgever vordert nakoming en herstel van gebreken van de tweede aannemer. Die failleert echter ook en komt dus niet na. Een uitzichtloze situatie, zou je zeggen. De opdrachtgever ziet zich gedwongen een derde (!) aannemer in te schakelen om zijn woning af te bouwen en de schade te herstellen.

Het faillissement van de tweede aannemer wordt uiteindelijk opgeheven wegens gebrek aan baten. De opdrachtgever vordert daarop (alsnog) nakoming en schadevergoeding wegens het feit dat hij een derde aannemer heeft moeten inschakelen om gebreken te herstellen.

De tweede aannemer verzet zich hiertegen en stelt dat hij als gevolg van zijn faillissement niet in staat was de werkzaamheden uit te voeren. De aannemer had daarvoor namelijk geen toestemming van de curator en is van oordeel dat zijn faillissement daarom als overmacht moet worden gekwalificeerd. De aannemer stelt dat hij niet mag worden aangesproken voor de schade die zou zijn ontstaan na faillietverklaring.

De rechtbank en het hof verwijzen dit verweer naar de prullenmand. Het faillissement van een schuldenaar oefent (immers) geen invloed uit op wederkerige overeenkomsten, waaruit voor beide partijen verplichtingen voortvloeien. De uit de aannemingsovereenkomst voortvloeiende verplichtingen voor de aannemer worden door zijn faillissement niet gewijzigd, zij het dat de opdrachtgever tijdens het faillissement geen nakoming kan afdwingen. Niettemin blijven de verplichtingen van de aannemer gewoon bestaan.

Nu het faillissement van de tweede aannemer is opgeheven en de overeenkomst niet op andere wijze is ontbonden (of de opdrachtgever is voldaan), staat niets eraan in de weg dat de opdrachtgever alsnog schadevergoeding vordert wegens het niet (of ondeugdelijk) nakomen van de aannemingsovereenkomst door die Tweede aannemer.

Kortom: een faillissement levert geen overmacht op, de uit de aannemingsovereenkomst voortvloeiende verplichtingen bestaan gewoon nog. De opdrachtgever had recht op schadevergoeding. Het kan verkeren.

Reacties

Nog geen reacties

Laat een reactie achter
  • Wordt niet openbaar gemaakt
Start chatgesprek

Medewerkers zijn nu beschikbaar

Onze medewerkers zijn nu online om uw zakelijke vragen te beantwoorden. Vul de naam van uw organisatie in en klik op "Start chat" om een chatgesprek te starten.

Sorry, de chat is momenteel niet beschikbaar